Columns van Smoel.nl
door Ramon Stoppelenburg
Na een tocht langs de haven en door de overdekte City Market kwam ik uit bij het park in het midden van de stad. Hier besloot ik mijn spullen naast me neer te leggen en voorlopig te ontspannen op een van de vele bankjes. De stad en de mensen bekijken, kan ook perfect vanaf een houten bankje.
Na een half uurtje kwam er een man naast me zitten. Hij groette me vriendelijk en hij genoot ook zichtbaar van het mooie weer. Kijkend naar mijn reistas zei hij dat het fantastisch weer was en vroeg hij vervolgens waar ik vandaan kwam. “Je komt zeker van de eilanden, hè?” Het was alsof een Fries iemand van Texel of Terschelling ontmoette. Ik praatte gezellig met hem mee, ik kwam namelijk vandaag ook echt van een eiland, dus ik loog niet. Hij praatte verder over koetjes en kalfjes en ondertussen keken we voor ons uit naar de drukke straat voor ons.
Het was rond lunchtijd en het werd al drukker op straat. Plots liep er een dame voorbij, slurpend uit haar bekertje koffie, geheel gekleed in het wit. Ze moest wel een verpleegster ofzo zijn.
“Excuse me”, zei de man naast mij tegen haar. De vrouw stopte haar pas en keek eerst naar mij, daarna naar mijn buurman. “Hoe vaak krijg jij niet te horen hoe verschrikkelijk mooi jij bent?” vroeg hij. De vrouw toonde snel een enorme glimlach en rode blosjes op haar wangen en antwoordde rustig: “Mijn man zegt dat iedere dag.”
“Nou, eigenlijk zou je dat iedere tien minuten moeten horen”, zei mijn buurman vervolgens. “Oh dank je wel”, zei de vrouw en blozend vervolgde ze haar wandeling door het park. Ik wist dat de mensen in het oosten van Canada heel erg vriendelijk kunnen zijn, maar zó direct had ik niet verwacht.
De man maakte aanstalten om weer verder te gaan met zijn dagelijkse bezigheden. Maar eerst pakte hij zijn portomonnee en trok er een kleine foto uit. “Dit is mijn hond”, zei hij en hij duwde een foto van een grote herder onder mijn neus. “Ze wordt volgende week negen jaar.” Ik antwoordde iets van “Zozo.” Want dat is fijn, als je hond volgende week negen jaar wordt. De man borg de foto weer op in zijn portemonnee, stond op en gaf me een hand. “Prettige kerstdagen, hè!” en hij draaide zich om en liep weg. Shit, waarom ontmoet ik altijd de dorpsidioten?
-
Archief
- december 2002
- januari 2003
- februari 2003
- maart 2003
- april 2003
- mei 2003
- juni 2003
- juli 2003
- augustus 2003
- september 2003
- oktober 2003
- november 2003
- december 2003
- januari 2004
- februari 2004
- maart 2004
- april 2004
- mei 2004
- juni 2004
- juli 2004
- augustus 2004
- september 2004
- oktober 2004
- november 2004
- december 2004
- januari 2005
- februari 2005
- maart 2005
- april 2005
- mei 2005
- juni 2005
- juli 2005
- augustus 2005
- september 2005
-
Webloggers
-
Lifeloggers
-
Schrijvers