Columns van Smoel.nl
Afscheid nemen bestaat niet…
door Wim Schluter...maar wel voor mij. Geen problemen mee. Het bezoek is uitgelaten, ik zwaai ze uit, draai me om en klaar is Kees. Terug naar de dingen waar ik mee bezig was voordat het bezoek er was. Niks geen gedraal of zal ik nog even mee lopen naar de auto. Gewoon: doei, dag, kus-kus en de volgende-keer-bij-jullie.
Behalve bij de trein. Ik ben namelijk wel zo iemand die bezoek wegbrengt naar de trein. Dat hééft wel iets. Sowieso denk ik dat ik later na mijn pensioen zo’n raar scharrelend mannetje wordt dat je vaak op stations aantreft. Maar het voordeel van afscheid nemen bij de trein is toch wel dat er niet geaarzeld kan worden. Het fluitje van de conducteur is onvermijdelijk - voor zover de blauwgele creatie op tijd vertrekt, uiteraard. Toch schuilt er bij het afscheid-nemen-bij-de-trein ook een addertje onder het gras. Te weten de tijd die verstrijkt tussen het instappen en vertrekken. Tijd die eigenlijk te kort is om een nieuw gespreksonderwerp aan te snijden; ieder moment kan de trein vertrekken en het gesprek daarmee bruusk onderbreken. En de rest van de onderwerpen zijn vaak al eerder die avond de revue gepasseerd, zeker - zoals in dit specifieke geval - de laatste trein nog op het nippertje gehaald kan worden. En ter informatie; de Kamper boemel staat na aankomst minstens een minuut of vier, vijf stil, bijkomend van een rit door de Zwolse weilanden.
Mijn tafelgenote/eet-date voor deze avond had ik bijtijds op perron 1 van station Kampen NS kunnen afleveren. En daar stonden we dan; zij in de trein, ik op het perron. Met het dillemma: nog iets nieuws aanbreken om te zeggen, of toch maar vasthouden een wat ditjes en datjes? We besloten tot het laatste, maar kregen daar al gauw spijt van; na een paar minuten raakten we door de onderwerpen heen, viel de stilte en weigerde de conducteur nog een volle minuut lang te fluiten.
Wat te doen? Ik raakte in paniek, zocht naar woorden of onderwerpen, stamelde, stotterde... en vlak voor de deuren van de trein zich sissend sloten, perste ik er in paniek uit 'wanneer kom je nou bij me wonen?'
Haar verbijsterde gezicht schoof uit mijn blikveld. Nauwelijks had de trein het perron verlaten, of mijn mobiel trilde een SMS’je.
'Ik denk erover. Welterusten voor straks', meldde het groene schermpje. Gelukkig; we práten in ieder geval nog.
-
Archief
- december 2002
- januari 2003
- februari 2003
- maart 2003
- april 2003
- mei 2003
- juni 2003
- juli 2003
- augustus 2003
- september 2003
- oktober 2003
- november 2003
- december 2003
- januari 2004
- februari 2004
- maart 2004
- april 2004
- mei 2004
- juni 2004
- juli 2004
- augustus 2004
- september 2004
- oktober 2004
- november 2004
- december 2004
- januari 2005
- februari 2005
- maart 2005
- april 2005
- mei 2005
- juni 2005
- juli 2005
- augustus 2005
- september 2005
-
Webloggers
-
Lifeloggers
-
Schrijvers